Mediation in de Infrabouw

Omdat partijen in de Infrabouw op elkaar zijn aangewezen, hebben zij er alle belang bij dat eventuele geschillen snel en tot ieders tevredenheid worden opgelost zodat de  relatie naar de toekomst wordt veilig gesteld. Als het niet lukt om dit op eigen kracht te doen, kan mediation helpen. Bij mediation lossen partijen samen hun geschil op met  de hulp van een neutrale conflictbemiddelaar: de mediator. In tegenstelling tot een procedure bij een rechter of een arbiter houden de partijen zelf de verantwoordelijkheid voor de oplossing van hun geschil. In het flexibele en informele mediationproces zoeken de partijen naar oplossingen, die aansluiten bij hun behoeften en belangen. De mediator stuurt het proces en geeft creatieve impulsen, maar laat de inhoudelijke kant over aan de partijen. Hij adviseert niet en neemt ook geen beslissingen, dat doen de partijen zelf. Winstpunten bij een geslaagde mediation zijn de goedkope en snelle procedure, het positieve gevoel bij partijen over de gezamenlijk bereikte oplossing (win-win) en het behoud van de relatie. Kenmerkend voor mediation is dan ook: “Hard voor de inhoud van de zaak, zacht voor de relatie.” Overigens kunnen mediators en mediationtechnieken ook worden ingezet in de sfeer van conflictpreventie en –beheersing. Dit gebeurt al bij enkele grote projecten in ons land, waar zogenaamde Dispute Review Board (DRB-en) zijn opgenomen in de organisatiestructuur.

de oversteek

Kwaliteitsbewaking mediator

Mediation staat dus volop in de belangstelling. Dat blijkt onder andere uit het landelijke proefproject van het Ministerie van Justitie, waarbij enkele rechtbanken aangebrachte zaken doorverwijzen naar mediators. De kwaliteit van mediators wordt in Nederland bewaakt door de Mediators federatie Nederland (MfN).MfN mediators worden ingeschreven in een register en onderwerpen zich daarmee aan de gedragscode en het klacht- en tuchtrecht. Infrabouw georiënteerde mediators hebben zich georganiseerd in de MfN-Groep Bouw.

 

Arendsen Inframanagement is op het moment doende om aan de toelatings eisen van het MfN te voldoen.